Overpopulation Awareness is de website van Stichting De Club van Tien Miljoen

Slide background

De wereld is te klein voor ons

Steun ons in de strijd tegen overbevolking!

Slide background

Druk hè!?

Steun ons in de strijd tegen overbevolking!

Slide background

Een goed milieu begint met de aanpak van overbevolking

Steun ons in de strijd tegen overbevolking!

Slide background

Ga heen en vermenigvuldig u niet

Steun ons in de strijd tegen overbevolking!

Slide background

Grenzen aan de groei

Steun ons in de strijd tegen overbevolking!

Slide background

Hoe meer zielen, hoe meer file

Steun ons in de strijd tegen overbevolking!

Slide background

Mensen met kinderwens zijn dubbel verantwoordelijk voor de toekomst

Steun ons in de strijd tegen overbevolking!

Slide background

Overbevolking = overconsumptie

Steun ons in de strijd tegen overbevolking!

Slide background

Stop de uitputting en vervuiling van de aarde

Steun ons in de strijd tegen overbevolking!

Slide background

Te weinig welvaart voor teveel mensen

Steun ons in de strijd tegen overbevolking!

Slide background

We houden van mensen maar niet van hun aantal

Steun ons in de strijd tegen overbevolking!

Slide background

We kunnen de mensheid niet op haar beloop laten

Steun ons in de strijd tegen overbevolking!

dinsdag, 07 mei 2013 21:05

Bespreking van Rob Hengeveld, Wildgroei

De Club van Een Miljard

Rob Hengeveld, Wildgroei – Overbevolking en de ontwrichting van milieu en samenleving, Zwerk Uitgevers 2013; ISBN 978 90 77478 50 9; 428 pagina’s; € 24,50

hengeveld_wildgroei Bespreking van Rob Hengeveld, Wildgroei - Stichting de Club van Tien Miljoen

Ooit sterft ons zonnestelsel de warmtedood. Dan is de mensheid op aarde al lang en breed uitgestorven. Voor een evacuatie naar planeet Kepler-69C moeten we eerst de natuurwetten veranderen.

De vraag is hoe lang we de mensen hier nog een bestaan willen gunnen. Daarover gaat het boek Wildgroei van Rob Hengeveld. Het is een vertaling van Wasted World dat vorig jaar in Amerika verscheen. Het was eerder aangekondigd onder de titel Verspeelde wereld, maar de nieuwe titel maakt echter met de ondertitel Overbevolking en de ontwrichting van milieu en samenleving beter duidelijk waar het om gaat.

Hengeveld kiest voor zijn boek een ecologische invalshoek. Ecologie is de biologische wetenschap van de levensomstandigheden van organismen. Leven vergt energie, zonder energie is er geen leven. Die energie komt uit voedsel. Voedselopname is een absolute voorwaarde voor leven. Ieder organisme is een mechanisme dat voor zijn energieproductie grondstoffen omzet in afval. Mensen vormden een onderdeel van de voedselkringlopen op aarde. Ze aten sommige soorten en werden door andere soorten gegeten. In de loop van de tijd is de mens echter buiten die kringlopen getreden. Hij is eindige hulpbronnen gaan gebruiken en meer afval gaan produceren dan de aarde kan verwerken. Zo vertegenwoordigt Ieder menselijk individu een dagelijkse energiestroom van een bepaalde omvang, en dat geldt ook voor de infrastructurele organisatie die nodig is om deze energiestroom in stand te houden. Hengeveld wijst op de onthutsende realiteit dat in onze westerse samenleving slechts twee à drie procent van de mensen direct betrokken is bij de voedselproductie; de rest is overhead, een maatschappelijk waterhoofd dat als het ware teert en parasiteert op de primaire levensfunctie: voedselvoorziening. Afgezien van de paar boeren die in het Westen nodig zijn om ons allemaal te voeden, hebben we op dit moment te maken met een ‘superstructuur’ van 97 tot 98 procent andere functionarissen die voor allerlei faciliteiten en diensten zorgen. Daarbij gaat het niet alleen om transport en distributie van voedsel, maar ook om bouw en industrie, om onderwijs, medische zorg, bankwezen, research, openbaar bestuur, rechtspraak en veiligheid, kortom om alles wat je in onze moderne samenleving kunt aantreffen. Kenmerkend voor de superstructuur is dat hij exponentieel meegroeit met het aantal mensen, dat de afgelopen jaren ook al exponentieel is toegenomen. De superstructuur gedraagt zich ook als een organisme dat hulpbronnen verandert in afval. Hij is afhankelijk van een ononderbroken aanvoer van brandstoffen en kan alleen maar blijven bestaan zolang de benodigde energie en mineralen in voldoende mate beschikbaar zijn. Hij zal instorten zodra deze voorzieningen op raken. Ons bestaan is vrijwel volledig afhankelijk van fossiele brandstoffen. Die bron raakt echter uitgeput en de uitstoot van afvalstoffen brengt een temperatuurstijging op aarde teweeg die wellicht niet meer te stoppen is. Om de uitputting en opwarming van de aarde te vertragen, kunnen we twee wegen bewandelen: creëren van alternatieve energiebronnen of het radicaal reduceren van onze energiebehoefte.

Een eerste tijdwinst om als soort te overleven kan worden geboekt door het excessieve gebruik van eindige hulpbronnen terug te dringen. In plaats van ons te concentreren op het vinden van nieuwe energiebronnen en het reduceren van CO2-uitstoot, zouden we de productie daarvan moeten verminderen. Dat kan ook weer op twee manieren: ten eerste door het verminderen van het aantal energievragers, dus mensen, en ten tweede door reductie van het energiegebruik.

Een tweede stap op weg naar verlenging van het menselijk bestaan is rigoureuze recycling van grondstoffen in plaats van doorlopende uitputting van oude en nieuwe bronnen. Recycling is echter geen duurzaam alternatief, omdat het zelf altijd grondstoffen en energie vergt. Door recycling kopen we alleen maar tijd. Recyclen kost momenteel meestal meer energie dan het winnen van nieuwe grondstoffen. Pas als deze opraken, wordt recycling aantrekkelijk. Een manier om verdere uitputting van het milieu tegen te gaan, zou het deprivatiseren van en groot aantal bedrijven kunnen zijn. Ze worden daardoor losgekoppeld van een economie die gebaseerd is op winst, groei en concurrentie. In plaats van te verdienen aan zo goedkoop mogelijke roofbouw, zouden we moeten gaan betalen om de resterende rijkdommen van de aarde zo zuinig mogelijk te gebruiken.

Maatregelen die de effecten van bevolkingsgroei en het gebruik van fossiele energie proberen te verzachten door bijvoorbeeld de verhoging van CO2-concentratie in de atmosfeer of de vervuiling van water en bodem tegen te gaan, alsmede pogingen om tot een zuiniger gebruik van energie en grondstoffen te komen, zijn minder effectief dan het aanpakken van de diepere oorzaak van deze bedreigingen: overbevolking en de daarmee gepaard gaande energiebehoefte. Dat betekent dat we iedere verdere groei van de bevolking zo snel mogelijk moeten stoppen. We zullen moeten zoeken naar humane manieren om het aantal mensen te verminderen. Dat kan niet van de ene dag op de andere. Zelfs een rigoureus één-kind-beleid als in China zal de bevolking per generatie hooguit halveren en kan weer voor een deel teniet worden gedaan een stijgende levensverwachting. Enkel stabilisering van de wereldbevolking bij een gelijkblijvend grondstoffengebruik kan alleen maar leiden tot voortschrijdende uitputting van hulpbronnen en toenemende vervuiling. We moeten de wereldbevolking verminderen tot een aantal dat hier op de lange termijn duurzaam kan leven.

Een mogelijk criterium voor het maximale aantal mensen op aarde is het aantal dat een duurzaam bestaan kan leiden als een of meer van de essentiële hulpbronnen op zijn. In een scenario zonder olie en gas om ons van energie te voorzien zou de bevolking even groot moeten zijn als ze was voordat we die hulpbronnen gingen gebruiken, dat wil zeggen het bevolkingsaantal van omstreeks 1900, ongeveer een miljard mensen. Maar rond 1900 was er nog volop hout en ook aan nutriënten zoals fosfor en stikstof was geen gebrek, terwijl die nu steeds schaarser worden. Daarom is het heel goed mogelijk dat een bevolking van die omvang nog steeds te groot is voor de wereld.

Een andere mogelijkheid om tijd te rekken voor de mensheid is het aanwenden van niet-fossiele energiebronnen. Biobrandstof vergt meer energie dan het oplevert door het gebruik van petrochemische kunstmest en het oppompen van water. Bovendien brengt wereldwijde teelt de voedselvoorziening in gevaar. Energie uit wind, water en getijdenbeweging kan op zijn best voorzien in 20% van de totale energiebehoefte. Hengeveld zwijgt over het mogelijke aandeel van zonne-energie. Enig soelaas kan op langere termijn het gebruik van waterstofgas bieden. De grote vraag is hoe we de benodigde energie om water te splitsen kunnen minimaliseren en hoe we deze splitsing op industriële schaal rendabel en veilig kunnen toepassen. Kernenergie zou de kloof tussen fossiele brandstoffen en waterstofgas enigszins kunnen overbruggen. Maar voor kerncentrales – ofschoon veel veiliger en schoner dan het winnen en verstoken van fossiele brandstoffen, Harrisburg, Tsjernobyl en Fukushima ten spijt - krijgt bijna niemand meer de handen op elkaar.

Hengeveld haalt aspecten van de systeemtheorie erbij om duidelijk te maken dat we deel uitmaken van een abstracte mondiale superstructuur die een eigen leven leidt. Nationale en mondiale financiële systemen zijn soortgelijke structuren. Nu we van de ene crisis in de andere tuimelen, hebben we geleerd dat het heel moeilijk is om zulke systemen in de hand te houden. Het financiële systeem is slechts een van de vele systemen die de dynamische mondiale superstructuur vormen. In zulke systemen hebben we te maken met onvoorspelbaarheid en onbeheersbaarheid. En met machteloze gekozen regeringen. Als die het risico nemen om impopulaire maatregelen te treffen, worden ze na vier of vijf jaar vervangen. De veronderstelling dat een samenleving zich zelf zal aanpassen aan veranderende omstandigheden is dan ook nergens op gebaseerd, aldus Hengeveld.

Het is de kracht van Wildgroei dat allerlei bekende bestaansbedreigingen niet alleen heel precies worden uitgelegd, soms op het redundante af, maar ook in hun onderlinge samenhang worden beschreven. Het gaat hierbij om factoren als verlies en kwetsbaarheid van landbouwgebieden, uitputting van grondstoffen, afvalproductie, gebrek aan zoet water, opwarming van de aarde, ontbossing, bodemvernietiging en verlies van biodiversiteit. Ieder hoofdstuk begint met een anekdote of een af en toe lyrische observatie van de auteur. Door zijn omvang van ruim 400 pagina’s heeft het boek de allure van een standaardwerk, dat hier en daar wel een iets zorgvuldigere en strakkere redactie had verdiend.

De enige manier om onze overleving en die van onze nakomelingen te rekken, is het onmiddellijk en drastisch reduceren van hun aantal. Maar misschien wilt u niet leven in een wereld waarin het recht op overleven van de soort prevaleert boven het recht op kinderen. Bedenk dan wel dat in zo’n wereld misschien noch u, noch uw kinderen kunnen overleven. De keuze is tussen fertiliteit en mortaliteit.
(Jan van Weeren)

Wereldbevolking

earth Bespreking van Rob Hengeveld, Wildgroei - Stichting de Club van Tien Miljoen